Het kopen van een auto en de barmhartige Samaritaan
Vorige week heb ik een andere auto aangeschaft. Het betreft een oude Toyota Landcruiser. Het is een auto zonder al teveel luxe, maar oerdegelijk. Als iemand op echt afgelegen plekken in Afrika moet zijn dan doet hij dat 9 van de 10 keer met zo’n auto. De auto stond in de hoofdstad Lusaka, wat ongeveer 150km vanaf hier is. Vroeg in de morgen ging ik samen met een vriend met de bus van Kabwe naar Lusaka. Ik hoopte op tijd terug in Kabwe te zijn omdat er die avond een afscheidsfeestje was van goede vrienden van mij. Toen we bij de auto aangekomen waren zag deze er wel goed uit, alles zat nog op zijn plek en er waren geen grote sporen van olielekkage. Al moest ik wel wennen aan het gebrek aan luxe: geen elektrische ramen, centrale deurvergrendeling, stuurbekrachtiging en nog meer. Het is wel een opknappertje. De vorige eigenaar had de auto als tweede auto en de laatste jaren niet veel gebruikt. Ik had mijn twijfels, maar de jongen die met mij mee was zei: dit is echt een goede auto, je kunt hem beter meenemen. Voordeel was ook dat de aankoop ruim binnen mijn budget zou vallen. Ik had geld voor een auto en de kerk in Beilen heeft ook voor mij gecollecteerd voor een auto. Daarnaast had ik zelf ook nog wat verdiend met mijn bijbaantje. Door deze auto te kopen, zou er geld overblijven om nog wat aan mijn huis te kunnen doen, dus ik besloot deze auto te kopen.


Voordat de auto naar Kabwe kon rijden, moest de carburateur vervangen worden. Aangezien we toch in de hoofdstad waren, dichtbij het gebied waar veel autozaken zitten, zijn we meteen op zoek gegaan en al snel hadden we een goede carburateur gevonden. Maar toen moesten we de auto nog afrekenen en dit moest contant gebeuren. We waren inmiddels al na 14:00 uur en moest het geld van de bank halen. Volgens google was ging de bank om 16:00 uur dicht maar dit bleek 14:30 uur te zijn. En toen we na een paar km lopen bij de bank aankwamen waren we net te laat. De auto was in totaal 55000 Zambiaanse kwacha en bij de pinautomaat kun je maximaal 25000 kwacha per dag opnemen. De moed zakte me een beetje in de schoenen en ondertussen hoopte ik ook nog steeds een beetje op tijd terug te zijn in Kabwe. Buiten bij de bank zaten 4 pinautomaten, waar het er maar 1 van deed. Toen ik na wat wachten aan de beurt was bleek dat er alleen maar 20 kwacha biljetten inzaten en ik maximaal 800 kwacha per keer op kon nemen. Je kunt zelf wel gaan rekenen hoe vaak ik dan had moeten pinnen en hoeveel biljetten ik dan had gehad om bij de 25000 uit te komen. De grootste biljetten die we hebben hier is 100 kwacha. Dus wij naar een andere bank waar ik vanaf mijn Nederlandse rekening kon pinnen. Dit ging ook tot 24000 kwacha, dus was ik er nog steeds ver vanaf. Ik wist nog ergens anders een pinautomaat te zitten van mijn Zambiaanse bank waar ik eerder die dag gepind had en waarvan ik wist dat die toen goed werkte. Dus wij daar naartoe, er stond iets van een rij maar al gauw was ik aan de beurt en kon pinnen tot de 25000 kwacha (in pinbeurten van 4000). En aangezien de carburateur 5000 kwacha gekost had, hield ik nog 20000 kwacha over, plus de 24000 kwacha van mij Nederlandse rekening was 44000 kwacha, niet genoeg dus. Nu is er nog een andere manier, dat je geld vanaf je rekening naar de telefoon van iemand anders stuurt en die het dan kan pinnen bij het pinautomaat. Dus ik 15000 kwacha naar mijn vriend sturen die bij mij was, we waren even aan het uitvogelen hoe het werkte, gingen weer achteraan de rij staan en konden het pinnen (ook in beurten van 4000 kwacha). Uiteindelijk hadden we het geld bij elkaar, onze zakken puilden uit van het geld, 590 biljetten in totaal. We betaalden de auto, deden het papierwerk en gingen op pad, maar het was al tegen het einde van de middag.
De accu was versleten en ik dacht op de terugweg een andere te kopen. Ook moesten we tanken en waren er niet zeker van of de meter het helemaal goed deed. Op de weg Lusaka uit, hield de auto er mee op en we dachten dat de benzine op was. De jongen die bij me was ging gauw naar een tankstation om wat benzine te halen, maar aangezien de accu ook niet goed was kregen we hem moeilijk weer aan de praat. Wat mensen hielpen de auto aan te duwen, maar ook dit ging moeilijk. Uiteindelijk lukte dit maar het was al na 18:00 uur en begon donker te worden. We tankten nog meer en gingen verder, maar een stukje buiten Lusaka hield de auto er weer mee op. Nu was het al helemaal donker en stonden lelijk aan de kant van de weg, niet wetende wat te doen. Een barmhartige Samaritaan hielp ons, hij reed met mijn vriend naar het eerst volgende plaatsje om te kijken naar een andere accu, dit lukte niet omdat het al laat was. Ook met lokale startkabels kregen we de auto niet aan de praat. De man die ons hielp belde bevriende monteurs en stuurde hun geld om naar ons toe te komen. Dit was voor mij (en ook voor die jongen die bij mij was) bijzonder. Mijn ervaring is hier dat iedereen je wel wil helpen, maar er ook geld voor wil hebben. Even daarvoor in Lusaka wilde iedereen wel helpen duwen, maar ook iedereen zat te klagen dat ik ze niet genoeg geld gaf. En nu was er een Zambiaan die van zijn eigen geld zorgde dat er een monteur kwam. Het was wel even wachten op de monteur, maar toen hij er eenmaal was kwamen we er al gauw achter dat het brandstoffilter helemaal verstopt was en er gewoon geen benzine bij de motor kwam. Eerder op de dag was de tank dus ook niet leeg, het was gewoon verstopt. Met wat Zambiaanse oplossingen werd het filter er tussenuit gehaald en kregen we de auto weer aan de praat, de monteur zei ook dat de brandstoftank schoon moesten maken.. Het was al bijna middernacht en we dachten dat het beter was in de eerstvolgende lodge maar te gaan overnachten.
De volgende morgen kregen we de auto weer niet aan de praat, maar omdat we in een plaatsje waren konden we lopend een andere accu halen. Dit gedaan en na wat benzine in de carburateur gegooid te hebben startte de auto. We konden onze weg vervolgen, we deden rustig aan, aten nog wat onderweg en ik kon toen we in Kabwe aankwamen nog even dag tegen mijn vrienden zeggen die de dag erna vertrokken. Die vrienden hadden nog een stapel hout liggen waar ze vanaf moesten en waar ik wel belang bij had. Zo kon ik meteen mijn dakdrager proberen. De volgende dag wilde ik deze stapel hout naar een andere vriend brengen zodat hij er wat stoelen van kan maken, heb namelijk niet echt goede stoelen in huis. De auto startte weer erg moeilijk, maar na weer wat benzine in de carburateur gegooid te hebben deed deze het weer. De maandag erna wilde ik met de auto naar OM maar hij startte weer niet en dit keer hielp het benzine gooien in de carburateur niet meer. Ik was er klaar mee en belde die vriend op die met mij mee was geweest. Hij kwam naar mijn huis toe en we hebben samen met Joseph, die hier werkt, de benzinetank eraf gehaald en die schoon gemaakt. Ook zit er een choke (om de motor te laten starten) op de auto die niet van binnenuit bedien kon worden omdat de kabel kapot was. Nadat de tank schoon was kregen we de auto weer aan de praat. We zijn naar de stad gereden, hebben daar de leidingen weer goed gelegd zodat er een nieuw filter tussen kon en alles goed luchtdicht aangesloten. Ook hebben we de choke kabel vervangen zodat deze van binnenuit bediend kan worden. De auto start nu zonder rare fratsen. We zijn begonnen met het overschrijven van de auto, maar dit is ook 1,5 dag werk omdat je bij 3 verschillende overheidsinstanties.
